Blog #9 Revalidatie

Bij het revalidatiecentrum waar ik wekelijks kom, is de begeleiding geweldig. Niets wordt opgedrongen en iedereen geeft een eerlijke professionele mening. Met de ergotherapeut onderzoeken we waar mijn zwakke plekken liggen in de energiehuishouding. Hoe vaak neem je rust, op welk moment, wat geeft ontspanning, herken je de signalen vroegtijdig, hoe plan je je dag of week in? Het is een proces dat nog minstens een half jaar gaat duren waarbij ik de grilligheid nog meer moet ervaren en de manier waarop ik daar mee om kan gaan.

De neuropsychologe stelt allerlei vragen om mij beter te leren kennen. De gesprekken zijn niet superlang omdat dit cognitief heel vermoeiend is. Maar we zijn in ieder geval op weg om wat puzzels in mijn hersens te kraken in het verwerkingsproces van hetgeen mij in korte tijd is overkomen.
De fysiotherapie die ik de eerste maanden volgde bij een praktijk in de buurt bestond voornamelijk uit een stukje krachttraining. Met de gedachte: if you don’t use it, you loose it. Nu is dit ondergebracht bij het revalidatieteam. Daar nemen ze een andere insteek en onderzoeken waar nu de eerste behoefte ligt bij mij. Kracht- of conditietraining betekent namelijk ook energie verbranden die ik zo hard nodig heb voor de alledaagse dingen, zoals douchen en aankleden, noem maar op. Mij werd daarom op het hart gedrukt dat ik niet zo hard moest zijn voor mezelf, niet blijven pushen als je eigenlijk al weet dat het niet meer gaat. De focus ligt nu op hulpmiddelen bij het lopen. Want lopen kost voor mij heel veel kracht. Elke stap is een klein oorlogje in m’n lijf. En mijn loopbeweging lijkt nergens meer op.
Dus we proberen gewoon vanalles. Hier is een rollator, ga maar lopen, kijken of het iets voor je doet. Niet? Dan hebben we nog krukken, of loopstokken of orthesen. Het geeft een goed gevoel dat professionals met je aan de slag gaan om voor mij de beste oplossing te vinden. Het geeft daarmee ook een stukje hoop op vooruitzicht. Want ik wil vooruit. Ik wil niet anderhalf jaar wachten met iets te ondernemen voor het geval ik dan een soort van stabiel ben. Want dat weet namelijk niemand, welke kant het kwartje gaat vallen of wanneer. En ik leef nu, nu is de behoefte er.

En de wilskracht is er ook. Basta.

Wenda