Blog #18 Dag meneer de dokter

Dirk en ik gaan bij de neuroloog op bezoek naar aanleiding van de recente MRI-scan.
Ik heb een beetje lood in m’n schoenen. Da’s helemaal niet handig als je al slecht loopt. Dirk dropt me bij de hoofdingang waar enige consternatie heerst onder het technisch Amphia-personeel, omdat zojuist iemand met een scootmobiel de draaideur aan diggelen heeft gereden. Ik zoek binnen een beschikbare rolstoel en terwijl ik op Dirk wacht kijk ik vermakelijk naar de draaideur-discussie. Ergens kriebelt het. Het was namelijk voorheen mijn job als facilitair coördinator om dergelijke problemen snel en klantvriendelijk op te lossen. Nu mag ik slechts toeschouwen in de inmiddels tochtige hal.

“Goed nieuws” zegt de neuroloog. “Er zijn geen nieuwe ontstekingen bijgekomen het afgelopen half jaar.”. Ik schiet in een hersentoestand waarbij allerlei vragen naar boven ploppen. Gevoelens, gedachten en emoties vliegen door elkaar en ik kan ze niet ordenen. Gelukkig is Dirk erbij om het gesprek voor mij te onthouden en te begrijpen. Ja, natuurlijk ben ik blij dat er geen nieuwe ontstekingen bij zijn. Maar ik ben wel achteruitgegaan op een aantal vlakken. Blijft het nu zo? Of kunnen we met revalidatie toch ergens verbetering uit halen? Gaan de medicijnen standhouden? Het is me meer en meer duidelijk dat MS een grillige eigenwijze irritante ongrijpbare ziekte is.

Weer thuis probeer ik met Dirk alles op een rijtje te krijgen en een soort eindconclusie voor mezelf te maken. Ook dat lukt niet helemaal. Gedachten gaan de hele dag rond in m’n hoofd, zo stroef als een defecte draaideur. Pas als een paar vrienden mij geruststellend appe dat ik het maar even los moet laten, geef ik daar aan toe.
“Ploink!” zegt mijn telefoon. “U heeft een nieuwe donatie.” Ja, het zijn jullie daar in de buitenwereld die mij momenteel een drive geven. Mijn blik dwaalt van mijn telefoon naar de voor altijd lege mand van Pluto. Daar tussen zijn knuffelberen beeld ik me in dat hij me een knipoog geeft.

Wenda